Adres
Baart de la Faillestraat 19b
9713 JB Groningen
Telelefoon
050 - 589 05 18
Mobiel
06 - 156 384 45
E-mail
bas[at]schrijvenvoorbedrijven.nl
KvK-nummer
02097125
Voortgang MSC-certificering verloopt voorspoedig
De garnalensector werkt hard aan het behalen van het MSC-certificaat. Betrokken partijen zijn constructief met elkaar in gesprek en zitten regelmatig met elkaar om de tafel. Begin 2009 wil de sector aan de Marine Stewardship Council (MSC) normen voldoen. ‘We kunnen ook niet anders, de maatschappij vraagt van ons dat we op een duurzame manier met de visserij bezig zijn’.
Door Bas Broesder
Het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel (CBL) heeft bepaald dat in 2011 versgevangen vis die verkocht wordt in supermarkten het MSC keurmerk moet dragen. Vanwege de enorme markt hebben garnalenvissers geen keus: ze zullen aan de nieuwe normen moeten voldoen. In diverse werkgroepen wordt gewerkt om begin 2009 klaar te zijn voor de certificering. Betrokken partijen zijn erg tevreden over de voortgang van het traject. Voorzitter Kees Lankester van de kopgroep MSC-certificaat garnalen: “Er zit beweging in, maar het gaat natuurlijk nooit snel genoeg. Er zijn inmiddels al een heleboel dingen afgesproken en het is de kunst om dat in de praktijk te brengen. Wat ik wel zie is de bereidheid binnen de sector om 2009 te gaan halen. Het is van belang dat vissers onderling afspraken maken. Maar je hebt er natuurlijk altijd wat tussen zitten die niet echt mee willen werk.”
Garnalenvissers Johan Seepma van de OL5 en Uilke Vanger van de WL3 liggen in de haven van Lauwersoog. Zij vinden dat ze eigenlijk al voldoen aan de MSC-normen, Vanger: “Wij kunnen laten zien dat wij op een duurzame manier met de visserij bezig zijn, zo vissen wij al heel lang met zeefnetten. Met zeefnetten heb je geen bijvangst.” Ook Seepma en Vanger erkennen dat het lastig is alle garnalenvissers op één lijn te krijgen: “Je hebt zoveel verschillende kleine bedrijfjes in de sector en er zitten er enkele bij die de extra inkomsten uit de bijvangst wel kunnen gebruiken.”
De bijvangst is op dit moment een van de grootste hindernissen die genomen moet worden, maar de schippers van de OL5 en WL3 hebben er alle vertrouwen in dat dit goed komt. “Met zeefnetten vang je alleen goede garnalen en niet allerlei andere troep – ook geen bijvangst. De meeste vissers willen er ook wel mee vissen, maar het is even wennen. Het is een onbekende manier van vissen die je je gewoon even eigen moet maken. Maar we kunnen niet anders. We moeten als sector de blik naar de toekomst richten en willen niet zoals bij de mosselvissers met jarenlange procedures zitten. We willen vissen, nu en in de toekomst, en dat kan alleen als je dat duurzaam doet.”
Voor de beide vissers is het duidelijk: het certificaat voorkomt dat milieubewegingen, met de natuurbeschermingswet in de hand, de garnalenvisserij stillegt. Paddy Walker is medewerker duurzame visserij van de Waddenvereniging en vanuit die functie bij het certificeringsproces betrokken. Het certificaat toont voor de Waddenvereniging voldoende aan dat de sector op een duurzame mannier bezig is. Walker: “Het is zeker niet onze bedoeling om juridische stappen te ondernemen om het garnalenvissen onmogelijk te maken. Een vergelijking met de kokkelvisserij of mosselvisserij gaat dan ook helemaal niet op. We zijn bezig het certificaat te krijgen en daarvoor zijn we met alle betrokken partijen in gesprek. En die gesprekken gaan goed. Zolang je met elkaar in gesprek of dialoog bent, kun je tot oplossingen komen. En dat is het geval. Ik vind dat het proces positief en constructief verloopt; eigenlijk op een manier zoals het hoort.”
Een ander belangrijk punt bij het halen van het certificaat is de bodemberoering. Er ontbreekt wetenschappelijk onderzoek naar de effecten voor de bodem door de garnalenvisserij. Onderzoeksinstituut IMARES gaat hier onderzoek naar doen. Voorzitter Lankester: “Zo’n onderzoek duurt meerdere jaren. Je moet hierbij ook vragen beantwoorden als: je wilt minder schade aan de bodem, maar wat is acceptabel en wat niet? Het is dus onwaarschijnlijk dat we voor 2009 precies weten wat de effecten op de bodem zijn. Dit hoeft geen gevolgen te hebben voor de afgifte van het certificaat; dat kan worden afgegeven. Het is te vergelijken met een diploma op school. Je kunt met een zes ook al over gaan. Maar wij streven natuurlijk naar een 8.”
Vissers Seepma en Vanger zijn zelfverzekerd: “We voldoen nu al aan de normen. Niet met een zes maar met een zeven, daar ben ik van overtuigd. We zullen ook wel moeten want de maatschappij van tegenwoordig vraagt ook dat we op een duurzame manier met visserij bezig zijn. Zelfs mijn dochter en de kinderen bij haar op school vragen aan mij of ik wel op een goede manier vis,” aldus Seepma.
Volgens Walker van de Waddenvereniging vraagt het certificaat veel commitment van vissers, maar krijgen ze er veel voor terug. “Met het certificaat krijg je namelijk een product dat je met een gerust hart kunt verkopen. Het brengt ook een hoop rust in de sector omdat iedereen, zowel in Nederland, Duitsland en Denemarken, zich aan dezelfde afspraken moet houden. Op deze manier voorkom je dat iemand gebruik gaat maken van de gaten in de wet en bijvoorbeeld toch gaat varen met een groter schip dan eigenlijk de bedoeling is.”
« Ga terug
Social Media
Mijn blogposts
Volg mij
Mijn profiel
Mijn profiel
Bekijk mijn bookmarks